‘Vrijheid, blijheid’ ongunstig voor melkveehouderij

07-11-2020 | |
van Bruchem
Cees van Bruchem Landbouweconoom
Foto: Herbert Wiggerman
Foto: Herbert Wiggerman

Een paar weken geleden publiceerde WUR/WER een interessant rapport met scenario’s over de melkveehouderij tot 2030. Food&Agribusiness besteedde er al aandacht aan.

De uitkomsten van zulke (model)berekeningen worden uiteraard nogal beïnvloed door de uitgangspunten en aannames. Dat neemt niet weg dat het rapport heel wat stof tot nadenken oplevert. Zo zal het aantal melkveebedrijven de komende jaren naar verwachting sterker dalen dan in het recente verleden. In het basisscenario – het huidige beleid – is de daling circa 3% per jaar, tegen 2,5% in de afgelopen tien jaar.

Aantal koeien per hectare

Ondanks die relatief sterke daling lijkt de financiële positie er niet beter op te worden: in alle scenario’s gaat het percentage bedrijven met voldoende middelen voor vervangingsinvesteringen omlaag. Dat wijst erop dat de vermindering van het aantal melkveebedrijven zich na 2030 zal voortzetten. Opmerkelijk is dat in alle scenario’s – op één na – het aantal koeien per hectare omhoog gaat. Het is de vraag of dat te rijmen valt met het streven naar kringlooplandbouw en meer grondgebondenheid.

Gericht op de wereldmarkt

In het ‘vrije-markt-scenario’ (productie sterk gericht op de wereldmarkt, weinig regels en weinig steun) stijgt de veebezetting het sterkst. Dat ligt voor de hand, want daarin zijn zaken als weidegang en grondgebondenheid van ondergeschikt belang. In dit scenario daalt ook het aantal bedrijven het snelst, zo’n 6% per jaar, terwijl de financiële situatie sterker verslechtert dan in het basisscenario. Deze uitkomsten zouden de voorstanders van zo’n vrijheid-blijheid-scenario, dat in sommige politieke partijen opgeld doet, aan het denken moeten zetten.

Een en ander wijst erop dat een natuurinclusieve melkveehouderij niet als een hersenschim kan worden afgedaan

In de tegenpool – de ‘natuurinclusieve’ melkveehouderij – vermindert het aantal bedrijven iets sterker dan in het basisscenario, maar de financiële positie lijkt iets beter. Dit is het enige scenario waarin het aantal koeien per hectare daalt, als logisch gevolg van de uitgangspunten. Een en ander wijst erop dat een natuurinclusieve melkveehouderij niet als een hersenschim kan worden afgedaan. De mogelijkheden ervoor worden echter sterk bepaald door de beloning van ‘ecodoeleinden’, door de consument of via de belastingbetaler. Dat onderstreept nogmaals dat de samenleving de melkveehouderij krijgt die ze wil betalen.

van Bruchem
Cees van Bruchem Landbouweconoom

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.