VVD en CDA: onderzoek economisch effect Waddenagenda

Het kabinet moet onderzoeken welke gevolgen de Waddenagenda kan hebben voor onder andere de pootgoedsector, de akkerbouw in het algemeen en andere economische sectoren.

Kamerleden Remco Dijkstra (VVD) en Jaco Geurts (CDA) hebben daarover een motie ingediend in een debat met minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat). In het debat maakten Dijkstra en Geurts duidelijk dat ze zorgen hebben over de economische gevolgen van de bescherming van de natuur in de Wadden. In de motie spreken de Kamerleden uit dat economische sectoren, zoals de pootaardappelsector, de ruimte moeten blijven houden in de noordelijke kleischil om hun activiteiten uit te voeren.

Aanpassen Waddenagenda

Minister Van Nieuwenhuizen zei in het debat dat het “natuurlijk niet de bedoeling is om een sector uit het gebied te verjagen.” Ze gaf aan dat haar ministerie en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met LTO Noord, de pootgoedorganisaties, de Nederlandse Akkerbouw Vakbond en de Nederlandse Melkveehouders Vakbond praten over de Waddenagenda. “Op basis van hun zienswijze en het gesprek is de agenda aangepast”, aldus de minister.

LTO Noord en akkerbouworganisaties hebben al eerder aan de bel getrokken over de Waddenagenda, omdat zij vrezen dat de uitvoering van de agenda, gecombineerd met de aanwijzing van de Wadden als Nationaal Park, de pootgoedteelt in het gedrang komt.

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.