Waar blijft het perspectief voor boeren?

08-09 | |
van Huët-Laan
Foto: Roel Dijkstra
Foto: Roel Dijkstra

Op deze plaats heb ik al vaak geschreven over de transities van de food- en agrisector. Vandaag doe ik het opnieuw, de urgentie is groter dan ooit.

Een belangrijke voorwaarde voor succes in de transities is een eerlijke beloning voor de primaire sector. Den Haag blijft worstelen en is tot op heden niet in staat om perspectief te bieden voor boeren. Met de recente ontwikkelingen zal dit alleen maar moeilijker worden.

De uitdagingen zijn bekend en gelden wereldwijd: stikstof, klimaat, waterkwaliteit en energie. Begrijp me niet verkeerd: in Nederland is het essentieel dat we de druk op het milieu verkleinen en komen tot een gezonde toekomstbestendige land- en tuinbouw, waarbij de sector voldoende tijd en middelen krijgt om de transities succesvol uit te kunnen voeren.

Het stapelen van beloning maakt het voor de boer of tuinder interessant om de transities te versnellen

De Haagse focus is te smal, omdat zij zich alleen richt op het zo snel mogelijk verminderen van de voedselproductie in Nederland ten gunste van vermindering van sectoremissies. De wereldwijde uitdagingen vragen om een systeem waarin gekeken wordt naar productie in combinatie met innovatie, extensiviteit, en vooral een eerlijke prijs voor de boer of tuinder. Een eerlijke prijs leidt tot financiële en mentale ruimte om te innoveren, te verduurzamen, maar ook een verminderde noodzaak tot schaalvergroting. Een win-win-winsituatie; voor boer, milieu en consument.

Innovatiekracht

De Nederlandse land- en tuinbouw is van oudsher wereldwijd koploper op innovatiekracht en productiemethode. Daarnaast is de kennispositie die we hebben uniek. Hoe kunnen we deze positie benutten om de transities te versnellen, het systeem te veranderen en daarmee een toekomstbestendige sector creëren? Nu zijn marges veelal klein en dat zet de transities op slot.

Het stapelen van beloning door overheid, consument en ketenpartijen maakt het voor de boer of tuinder makkelijker om de transities versneld invulling te geven. Denk bijvoorbeeld aan vergoedingen voor maatschappelijke diensten (belonen biodiversiteit, landschapsbeheer), verbredingsopbrengsten (terug leveren van energie) en opbrengsten uit het creëren van meerwaarde voor je product (duurzaam). In het initiatief Waardecreatie in Ketens werken supermarkten, verwerkers, boeren en tuinders samen aan een betere verwaarding en waardering voor de boer en tuinder. Ik ben ervan overtuigd dat voor succesvolle transities het volgende nodig is: samen een onderscheidend ecosysteem ontwikkelen, waarvoor de consument, maar ook de overheid en ketenpartijen bereid zijn een meerprijs te betalen voor geleverde en gevraagde inspanningen.



Beheer