Waarde ‘stikstofrechten’ laat zich niet schatten

Oppewal
Johan Oppewal Redacteur
Foto: Henk Riswick
Foto: Henk Riswick

Het is verleidelijk om te doen: de totale waarde uitrekenen van alle ‘stikstofrechten’. Het Financieele Dagblad deed het en kwam op een astronomische € 18 miljard. Dat is bijna twee keer zoveel als de waarde van alle fosfaatrechten bij elkaar (ruwweg 80 miljoen kilo à € 125 = € 10 miljard).

Vroeger had je aan de rand van het dorp de ‘quotumvilla‘s’, betaald van verkocht melkquotum. Je ziet nu de stikstofvilla’s al voor je. Maar zo eenvoudig ligt dat niet. De handel in stikstofrechten is veel ingewikkelder dan die in fosfaatrechten. Het begint er al mee dat er officieel niet eens stikstofrechten bestaan, er zijn alleen vergunningen voor bepaalde activiteiten die emissie en depositie veroorzaken. Dankzij extern salderen is het mogelijk de ruimte in die vergunning over te dragen aan een andere overnemer. Hierbij gelden veel beperkingen en voorwaarden, waardoor van vrije handel eigenlijk geen sprake is. Daar komt bij dat dit niet in alle provincies kan.

Wonderlijke logica van stikstof: de ene kilo is de andere niet

Natura 2000-gebieden

Er is dus heel wat af te dingen op deze rekensom. Helemaal onzin is het ook weer niet. Er wordt gehandeld, er zijn marktpartijen, er gaat geld om in de stikstofhandel. Verkoop kan een bonus zijn voor de stopper, en is dus kostenverhogend voor het kopende bedrijf. Eén troost hebben de blijvers wel: wie verder van gevoelige Natura 2000-gebieden af zit, heeft met een zelfde emissie minder ongewenste depositie, en kan met minder ‘stikstofrechten’ evenveel produceren. In de wonderlijke logica van stikstof: de ene kilo is de andere niet. Wat het tegelijk nog weer moeilijker maakt om een totale waardeschatting te maken. Leuke rekensom dus en een pakkend bedrag, maar voor wat het waard is.




Beheer