WFSR: let op voedselveiligheid bij circulaire voeding

01-06 | |
Tomatenresten waar nieuw voedsel van wordt gemaakt. Ongewenste stoffen kunnen zich ophopen doordat reststoffen opnieuw worden verwerkt in voedingsmiddelen. - Foto: ANP
Tomatenresten waar nieuw voedsel van wordt gemaakt. Ongewenste stoffen kunnen zich ophopen doordat reststoffen opnieuw worden verwerkt in voedingsmiddelen. - Foto: ANP

Het circulair maken van de voedingssector kan nadelig uitpakken voor de voedselveiligheid. Ongewenste stoffen kunnen zich namelijk ophopen doordat reststoffen opnieuw worden verwerkt in voedingsmiddelen.

Robert van Gorcom, directeur van Wageningen Food Safety Research (WFSR), vindt dat een nieuwe uitdaging, zei hij dinsdag op een webinar over voedselveiligheid van de Topsectoren Agri & Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen en Wageningen UR. “We moeten weten welke effecten het circulair maken van voedselsystemen heeft op de ophoping van ongewenste stoffen en hoe we dat voorkomen.”

Circulaire voedselsystemen kunnen leiden tot ophoping, zei Van Gorcom. “We nemen de cumulatieve blootstelling steeds meer mee in de risicobeoordeling. Daarnaast zijn de laatste jaren nieuwe contaminanten ontstaan, denk maar aan PFAS of contaminanten die vrijkomen bij de verwerking. We moeten meetmethoden ontwikkelen die nieuwe contaminanten op een laag niveau kunnen meten. Bij de ontwikkeling van nieuwe voedingsingrediënten, zoals eiwitten, moet de voedselveiligheid vanaf het begin van het innovatietraject een rol spelen. Denk maar aan allergenen of ongewenste chemische stoffen die ontstaan bij de verwerking.”

Overzicht reststromen nodig

Bjorn Berendsen, programmaleider Voedselveiligheid bij het WFSR, verwees in het webinar ook naar de voedselveiligheid in circulaire systemen. ”In een circulair landbouwsysteem kunnen gevaren onbedoeld en onbewust in het voedselsysteem worden geïntroduceerd. Chemische stoffen gaan van de ene plek in het voedselsysteem naar een andere en kunnen ergens in het systeem een probleem worden. Daarom is een overzicht nodig van alle reststromen en de mogelijke gevaren die dat met zich kan meebrengen.”

”Ook moeten we chemische stoffen gaan prioriteren, want er zijn bijna oneindig veel chemische stoffen. Over stoffen die vanzelf weer verdwijnen, hoeven we ons minder druk om te maken dan om stoffen die persistent zijn, dus langer in het voedselsysteem aanwezig blijven. Ook de mobiliteit is van belang. Stoffen die gemakkelijk van de bodem naar het gewas en dan in de voeding terecht komen, vragen meer aandacht. We moeten eigenlijk toe naar een circulair voedselsysteem dat zelfreinigend is.”

Engwerda
Jan Engwerda Redacteur


Beheer