‘Windpark brengt leven in dorp’

11-09 | |
Lolle Hylkema is oud-melkveehouder en voorzitter van het windpark Beabuorren. - Foto: Anne van der Woude
Lolle Hylkema is oud-melkveehouder en voorzitter van het windpark Beabuorren. - Foto: Anne van der Woude

In 1997 investeren vier Friese melkveehouders in een windpark met vijf molens. Nu, 25 jaar later, staan in windpark Beabuorren acht molens en is de productie bijna verviervoudigd. De financiële participatie van het dorp Tjerkwerd is volgens mede-initiatiefnemer en voorzitter Lolle Hylkema een van de succesfactoren van het park.

Nooit heeft de Friese oud-melkveehouder Lolle Hylkema spijt gehad van de beslissing om samen met zijn buren, ook melkveehouders, te investeren in windmolens. De wind komt gratis voorbij en daar kun je dus geld mee verdienen, was in 1997 de redenering van de initiatiefnemers.

Dat geldt nog steeds. Helemaal in deze tijd waarin de energieprijzen door het plafond gaan. “Maar, prijs de dag niet voor het avond is. Mogelijk grijpt de overheid in en wordt de elektriciteitsprijs losgekoppeld van de gasprijs. Dat weet je nooit. Dat terzijde, het gaat nu vanzelfsprekend erg goed.”

De opbrengst uit onze windmolens is een belangrijke pijler onder de deelnemende melkveebedrijven

Het windpark Beabuorren ligt vlak bij het Friese dorp Tjerkwerd en bestaat deze maand 25 jaar. In 1997 werden er door vier melkveehouders vijf molens geplaatst met een vermogen van 3 MW. Sinds 2007 staan er acht windmolens, goed voor een productie van 10,4 MW. Het park voorziet jaarlijks zo’n 9.000 huishoudens van stroom. Hylkema (65) en zijn vrouw Titia (65) zijn samen directeur van het windpark.

Kernramp in Tsjernobyl

Eigenlijk begon dit Friese windverhaal op 26 april 1986, de dag van de kernramp in Tsjernobyl. Hylkema herinnert zich die dag alsof het gisteren was. Zijn vrouw Titia was in verwachting van hun tweede kind en heel Europa was in angst over de gevolgen van het ongeluk in de Oekraïense kerncentrale. “De koeien moesten verplicht naar binnen. Ik dacht, een kerncentrale is geen toekomstbestendige oplossing. Een windmolen is dat wel. In 1988 plaatsten we een windmolen op ons bedrijf.”

Financiële participatie door de omgeving leidde tot draagvlak

Toen ging het balletje rollen. De aangrenzende boeren raakten ook enthousiast en het idee om te investeren in een gezamenlijk windpark werd uitgewerkt. Dat samen met bewoners uit het dorp Tjerkwerd. Gekozen werd voor een constructie waarbij het dorp medeaandeelhouder is en zo financieel profiteert van de opbrengsten van het windpark. Dat was in de jaren negentig van de vorige eeuw een unicum. “Financiële participatie door de omgeving leidde tot draagvlak. Op een enkeling na stemden de bewoners voor de gekozen constructie en konden we aan de slag.”

Ontwikkeling windpark lastig

Pas na de uitbreiding van het windpark in 2007 werd het project financieel rendabel, zegt Hylkema. “Ons tweede park draait financieel goed vanaf het eerste jaar. Windenergie was en is een belangrijke pijler onder de deelnemende bedrijven. Wat dat betreft hebben we een goede keus gemaakt.”

Ontwikkeling van een windpark door een groep boeren is toch best lastig, weet Hylkema uit ervaring. “De procedures duren lang, ga maar uit van zeven jaar. Al die tijd moet je de energie in de groep houden. Tegenwoordig zijn initiatiefnemers verplicht om de omgeving te betrekken bij de planvorming. Dus je moet in discussie met burgers en ondernemers uit je eigen omgeving. Dat moet je willen en kunnen.”

Investeren in batterijen is een van de opties

In Tjerkwerd is vanaf de beginfase voor participatie door het dorp gekozen. Het dorp is een van de huidige veertien aandeelhouders. “Dat levert een fors bedrag op, het zijn geen spiegeltjes en kraaltjes. Met de opbrengst is bijvoorbeeld het dorpshuis gerenoveerd, er is een huis gekocht voor huisvesting van Oekraïense vluchtelingen en alle verenigingen krijgen jaarlijks een donatie. Kortom, het windpark brengt leven in het dorp.”

‘Pleuris brak uit’

Rond 2014 ‘brak toch de pleuris in het dorp uit’ (Citaat Hylkema). De provincie Friesland riep op tot indiening van plannen om de productie van windparken in regionale parken flink op te voeren. “In ons bestuur besloot de meerderheid om een plan in te dienen voor uitbreiding naar 27 MW, bijna een verdriedubbeling van de productie. Ik was tegen, maar als voorzitter dien je de meerderheid te volgen. Dat plan heeft veel ophef gegeven. Het is allemaal niet doorgegaan en de rust in het dorp is teruggekeerd. Het is allemaal verleden tijd.”

De aandeelhouders denken na over de toekomst. “Investeren in batterijen is een van de opties. Dan kunnen we onze energie opslaan en verkopen bij een goede marktprijs. Productie van waterstof is een andere mogelijkheid. Dan kunnen we groen gas leveren aan bedrijven in de regio. Onze molens staan er nog vele jaren, maar de energiesystemen veranderen. Wij willen daarin vooroplopen.”

van Cooten
Aart van Cooten Freelance redacteur
Meer over


Beheer