WUR: maatwerk met stappenplan voor stikstof

Rigoureuze stikstofmaatregelen zoals opkoop van bedrijven zijn lang niet altijd nodig om problemen met natuurgebieden op te lossen. Dat zegt de Taskforce Stikstof van de WUR, die een speciaal stappenplan voor plaatselijk maatwerk heeft gemaakt.

De problemen met stikstof in kwetsbare natuurgebieden kunnen in veel gevallen worden opgelost zonder ‘rigoureuze maatregelen’, zoals het op grote schaal uitkopen van boeren. Dat zeggen onderzoekers van Wageningen University & Research (WUR), die daarvoor een ‘pragmatisch stappenplan’ hebben ontwikkeld. Het stappenplan bekijkt per natuurgebied hoe en of er moet worden ingegrepen om de natuur te beschermen.

Maatwerk per natuurgebied

Gebiedsspecifieke aanpak is het sleutelwoord in het plan. Per gebied zou bekeken moeten worden wat nodig is aan stikstofreductie en hoe dat te bereiken is met maatregelen in landbouw en natuur. Pas in laatste instantie komt dan de optie: uitkoop en verplaatsing van boerenbedrijven in beeld. Meerdere sectoren zouden daarbij, afhankelijk van de situatie in het gebied, een bijdrage kunnen leveren.

Voermaatregelen

Het plan helpt beleidsmakers “stapsgewijs te kijken of je je doelen kunt halen en welk perspectief je kan geven voor de landbouw”, aldus projectleider Tia Hermans in het persbericht van de WUR over het plan. “Je moet kijken naar de manier waarop je de veerkracht van de natuur kan verbeteren.” Ze wijst erop dat er veel (technische) manieren zijn om de stikstofuitstoot te verminderen, door bijvoorbeeld voer- en stalmaatregelen.

5 stappen

Het voorgestelde model bestaat uit 5 stappen.

  1. Eerst een analyse van de situatie in het natuurgebied: is de neerslag van stikstof te groot?
  2. Vervolgens een blik op de toekomst: hoe staat het er met dit gebied voor als de landelijke maatregelen merkbaar zijn?
  3. Daarna moet er aandacht zijn voor de algehele natuurkwaliteit, waarbij dus breder gekeken moet worden dan alleen stikstof. Daar hoort ook bij een analyse van de mogelijkheden voor natuurhrstel, zoals een hogere grondwaterstand.
  4. Als de kritische depositiewaarde ook in de toekomst overschreden blijft en er niet genoeg herstel mogelijk is, komt het aan op vermindering van de depositie door maatregelen in de omgeving, of door aanpassing van de habitattypen van het natuurgebied.
  5. Als dat allemaal niet meer helpt, komt het aan op verdere vermindering van de uitstoot, bijvoorbeeld door bedrijven te verplaatsen, of om de natuurdoelen onder de loep te nemen.

Studie door WUR op eigen initiatief gedaan

In de studie, gemaakt door de speciale Taskforce Stikstof van Wageningen UR, is gekeken naar 2 natuurgebieden: Het Wormer- en Jisperveld & Klaverpolder in Noord-Holland en Lieftinghsbroek in Groningen. De studie is door de WUR op eigen initiatief gedaan, niet in opdracht van overheid of maatschappelijke organisaties. Het ministerie van LNV heeft er wel aan meebetaald.

Commissie Remkes

Maandag 8 juni komt de Commissie Remkes met haar visie op het stikstofbeleid voor de langere termijn. Het kabinet heeft zich tot nu toe vooral gericht op de maatregelen voor de kortere termijn, zoals het voerspoor. Kabinet en provincies zijn intussen nog druk bezig met het vergunningenbeleid, waarbij onder meer extern salderen met veehouderijbedrijven nog geregeld moet worden. Binnen de provincies zijn per gebied overleggen gaande. Ook daar is regionaal maatwerk het streven. Intussen wacht de sector op bijzonderheden over een opkoopregeling in verband met ammoniak. Deze studie van WUR is in feite een pleidooi tegen grootschalige opkoopregelingen, en voor plaatselijk maatwerk.

Medeauteur: ANP

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.