Doorgaan naar artikel

Eiweet helpt supermarkten bij berekening verhouding dierlijk-plantaardig

Om de verhouding tussen dierlijke en plantaardige eiwitten van producten in de supermarkt te meten, is een nieuwe tool ontwikkeld: Eiweet. Het betreft een meer gedetailleerde methodiek dan die tot dusverre mogelijk was. “De supermarkt kan zelf berekenen wat de eiwitverhouding is van het gehele assortiment”, aldus Jessie van Hattum van Green Protein Alliance (GPA).

Eiweet premium

Jessie van Hattum: "Met onze ervaring met gedragsinterventies en aanpassingen in de voedselomgeving, helpen we individuele formules om de kansen te verzilveren.” - Foto's: Ton Kastermans

Eiweet is een nieuwe tool om de verhouding tussen dierlijke en plantaardige eiwitten van producten in de supermarkt te meten. Het betreft een meer gedetailleerde methodiek dan die tot dusver mogelijk was. “De supermarkt kan zelf berekenen wat de eiwitverhouding is van het gehele assortiment”, aldus Jessie van Hattum van Green Protein Alliance (GPA).

Eiweet maakt het voor onder meer supermarkten mogelijk om te monitoren wat de verhouding is tussen dierlijke en plantaardig eiwitten in hun assortiment. De Nederlandse overheid heeft in maart 2022 een doel gesteld voor de eiwittransitie. Niet later dan in 2030 moet de verhouding tussen plantaardig en dierlijk eiwit hetzelfde zijn zoals Nederland die in 1950 kende: 50-50. Deze verhouding is in lijn met de Richtlijnen Gezonde Voeding.

Specifiekere methode

Volgens de meest recente voedselconsumptiepeiling van het RIVM bestaat de eiwitverhouding in het gemiddelde Nederlandse dieet voor 57 procent uit dierlijke eiwitten en 43 procent uit plantaardige eiwitten. Om de 50-50 doelstelling te halen in 2030, moet een grote groep consumenten geholpen worden om vaker voor plantaardig te kiezen.

“Onderzoeksbureau Circana (voorheen IRI) deelt ook al elk kwartaal met de GPA wat de verkoopontwikkelingen zijn op zowel plantaardig als dierlijk’”, stelt Jessie van Hattum, duurzaamheidsspecialist bij GPA. “Maar we hebben nu een specifiekere methode ontwikkeld. Die is minder grofmazig, specifieker op eiwit.”

Inzicht

Het is volgens Van Hattum nodig, omdat supermarkten een zeer belangrijke rol spelen in de eiwittransitie. Minimaal 70 procent van het voedsel dat Nederlanders consumeren is afkomstig uit de supermarkt. Om te weten hoe de ketens bijdragen aan deze transitie is het volgens haar essentieel om inzicht te hebben in de eiwitten in de verkochte producten. Maar ook of de eiwitten dierlijk of plantaardig zijn en de verhouding hiertussen. GPA, ProVeg Nederland, Natuur & Milieu en Questionmark hebben daarom samen met de supermarktketens de Eiweet-methodiek van de GPA doorontwikkeld.

“Hiermee kan de supermarkt straks zelf berekenen wat de eiwitverhouding is van het gehele assortiment”, legt Van Hattum uit. “Wanneer een supermarkt zelf verantwoordelijk is voor de data kan ook beter ingegrepen worden als het nodig is. In iedere assortimentscategorie is dadelijk inzichtelijk wat er verbeterd kan worden. Bijvoorbeeld bij zuivel en vleeswaren, maar ook bij maaltijden of de bakkerij. Met onze ervaring met gedragsinterventies en aanpassingen in de voedselomgeving, helpen we individuele formules om de kansen te verzilveren.”

Core dierlijk en plantaardig

Van Hattum stelt dat er in de tool rekening wordt gehouden met vier categorieën. De zogeheten core-groeperingen (core dierlijk en core plantaardig) bestaan uit producten die uit veel eiwitten bestaan en/of significant bijdragen aan de eiwittransitie. Artikelen die vallen onder core dierlijk zijn uitsluitend van dierlijke ingrediënten gemaakt of de eiwitten in het product zijn afkomstig van een dierlijke bron. Het gaat dan voornamelijk om vlees, zuivel, kaas, vis en boter. Voor core plantaardig gaat het om producten met eiwitten uit uitsluitend plantaardige bronnen en die als vervanging voor dierlijke eiwitten gebruikt worden. Dit zijn bijvoorbeeld peulvruchten, noten, vleesvervangers, plantaardige variaties op zuivel en kaas, paddenstoelen, zaden en pitten, maar ook pindakaas en hummus.

Eiweet
De groep ‘dierlijk-plantaardig-combi’ bestaat uit producten die zowel dierlijke als plantaardige eiwitten bevat. Voorbeelden zijn een linzensalade met kip, taart en koekjes, of een kant-en-klare lasagne bolognese.

​Plantaardig niet-core en combi

De groep ‘plantaardig niet-core’ bestaat uit producten die plantaardig zijn en dus uitsluitend uit eiwitten uit plantaardige bronnen bestaan, maar die niet direct bijdragen aan de eiwittransitie. Het gaat bijvoorbeeld om een brood, rijst, fruit of groente. Alle soorten plantaardige eiwitten worden meegenomen, niet alleen van core ingrediënten. De groep ‘dierlijk-plantaardig-combi’ bestaat uit producten die zowel dierlijke als plantaardige eiwitten bevat. Voorbeelden zijn een linzensalade met kip, taart en koekjes, of een kant-en-klare lasagne bolognese. Omdat het voor veel supermarkten nog niet mogelijk is deze eiwitbronnen op te splitsen, worden alle eiwitten uit deze producten onder dierlijk/plantaardig-combi geplaatst. Er wordt uiteindelijk toegewerkt naar een fase waarin deze eiwitten opsplitsen wel mogelijk is. In die zin zal de tool Eiweet nog verder doorontwikkeld worden. Van Hattum: “Ongeveer 300 assortimentscategorieën zijn op dit moment al onderverdeeld in deze vier groepen. En met die verdeling kan iedere supermarkt goed uit de voeten met hun eigen assortiment.”

Pilot

Sinds vorig jaar loopt er al een pilot met de ketens Lidl, Aldi, Dirk, Ekoplaza, Jumbo en Albert Heijn. “We verwachten dat alle ketens uiteindelijk mee gaan doen”, zegt Van Hattum. “De overheid heeft aangegeven te financieren wanneer dat ook daadwerkelijk het geval is. Supermarkten zelf geven aan mee te doen nu Eiweet breder geaccepteerd wordt als de geharmoniseerde standaard methode. In deze fase zitten we op dit moment. In het voorjaar van 2024 publiceren we in ieder geval de resultaten van alle deelnemende retailers samen.”

Superlijst Groen

De nieuwe methodiek is ook opgenomen als indicator in Superlijst Groen, die op 28 september verschijnt. De onderzoeken voor Superlijst omvatten de volgende supermarktketens die gezamenlijk 80 procent van de markt vertegenwoordigen: Albert Heijn, Jumbo, Lidl, Aldi, Plus en Dirk. De Eiweet-methodiek maakt het voor het eerst mogelijk om in Superlijst de vergelijking te maken tussen supermarkten over het aandeel plantaardige en dierlijke eiwitten in hun verkoop. Dan blijkt ook welke supermarkten volgens deze methode transparantie bieden.

Nulmeting op nationaal niveau

Er wordt volgens Van Hattum uiteindelijk toegewerkt naar een nulmeting op nationaal niveau van alle supermarktketens samen: de totale eiwitverhouding van producten in Nederlandse supermarkten moet inzichtelijk zijn.

Hoe werkt het in de praktijk? “Supermarkten berekenen hun resultaten en sturen deze naar ons toe. Deze combineren we en dat publiceren we op landelijk niveau op de website van de GPA en wordt gedeeld met het ministerie van LNV. Data op supermarktniveau communiceren we niet extern. Het is aan de supermarkten zelf om deze informatie openbaar te maken. Dat gaan wij niet voor hen doen. Het kan best gevoelig liggen”, aldus de duurzaamheidsspecialist die benadrukt dat de publicatie van de cijfers jaarlijks wordt herhaald.

Meer groente, fruit en plantaardig consumeren vinden we belangrijk. Eiweet is een puzzelstukje op weg daar naar toe

Toekomst

De nieuwe methodiek is zo ingericht dat supermarkten, die nog niet op productniveau kunnen rapporteren, een startpunt hebben om de verhouding van eiwitten te gaan berekenen. De systematiek zal per fase beter worden.

Eiweet fase 1 dient als transparante nulmeting van de eiwitverhouding van alle supermarktketens. In fase 2 wordt Eiweet verder ontwikkeld door data van individuele producten mee te nemen. Een stap die in deze fase wordt gezet is het identificeren van producten als plantaardig/vegan. Door te beginnen met deze filtering komen automatisch de plantaardige producten in de plantaardige groepen, en niet meegenomen in de dierlijk-plantaardige combi groep. Waar bijvoorbeeld vegan pizza’s, vegan maaltijdsalades, en vegan tapanades in fase 1 nog in de productcategorie ‘dierlijk/plantaardig-combi’ vielen, worden ze in fase 2 meegenomen in een plantaardige groepering (core of niet-core) doordat producten individueel gelabeld zijn.

In fase 3 is de Eiweet methodiek het meest accuraat. Ook voor producten met zowel dierlijke als plantaardige eiwitten zijn data dan beschikbaar over het eiwitgehalte. Het is mogelijk om te zien per product hoeveel gram eiwit afkomstig is uit dierlijke bronnen en uit plantaardige bronnen. Voor elk dierlijk-plantaardig-combi product kan precies berekend worden hoeveel gram eiwit dierlijk is en hoeveel plantaardig. Hierdoor kan het aantal kilo’s verkochte plantaardige en dierlijke eiwitten exact berekend worden.

Periodieke samenkomst partijen

GPA, ProVeg en deelnemende supermarkten komen periodiek bij elkaar. “Supermarkten die nog niet onderdeel zijn van de groep zijn welkom om hierbij aan te sluiten”, aldus Van Hattum. “Zo blijven we samen in gesprek om niet alleen de methodiek te ontwikkelen, maar ook om samen de transitie daadwerkelijk te versnellen en de doelstelling te behalen. Overigens is de uitdaging groter dan enkel het specifiek meten van eiwitten. Meer groente, fruit en plantaardig consumeren vinden we belangrijk. Eiweet is een puzzelstukje op weg daar naar toe.”

Snel delen

Image
Edwin Rensen

Freelance redacteur

Misset Uitgeverij B.V. Auteursrecht voorbehouden

Algemene voorwaarden Privacy Cookies

Beheer
WP Admin