Te veel vacatures, te weinig mensen in food- en agrisector

Studenten van de HAS komen makkelijk aan het werk, maar het verschilt wel per studierichting. "Zo is het voor Food en innovatie moeilijker", zegt een recruiter. Foto: Mark Pasveer
Studenten van de HAS komen makkelijk aan het werk, maar het verschilt wel per studierichting. "Zo is het voor Food en innovatie moeilijker", zegt een recruiter. Foto: Mark Pasveer

Nederland stevent af op een economische recessie. In het derde kwartaal kromp de economie met 0,2%, meldt het CBS. Als ook het vierde kwartaal krimp laat zien, is de recessie een feit. Naar verwachting zal dit een iets dempend effect hebben op de arbeidsmarkt. Maar de grote tekorten aan personeel waar bedrijven al jaren mee kampen, zijn maar zo niet opgelost. De vraag naar personeel blijft groot, ook in de food- en agrisector.

In Nederland zijn bedrijven in alle economische sectoren hard op zoek naar personeel, al dan niet met behulp van recruiters. Toch wil dit nog niet helemaal lukken. Het blijkt erg lastig om de vele vacatures op te vullen, blijkt uit een inventarisatierondje langs verschillende bedrijven in de F&A-sector. Zo is het aantal vacatures dat openstaat bij Agriwerker, een wervings- en selectiesite voor de agrisector, in de loop der jaren alleen maar toegenomen. “Het totaal aantal vacatures dat wij als wervingsbedrijf open hebben staan van mbo-niveau en hoger is 3.000. 20% hiervan, dus 600 vacatures, zijn er de afgelopen jaren bijgekomen”, zegt Huub Huizinga, bemiddelaar van Agriwerker en zijn hele leven werkzaam geweest in de agrarische sector.

Ook Nicolien Stam, recruiter van Fresh Recruitment, zegt dat er veel vacatures openstaan. “Je ziet het steeds vaker in het nieuws, er zijn meer vacatures dan mensen die op zoek zijn naar een baan. Het is voor ons dan ook een moeilijke taak om een juiste match te vinden voor onze opdrachtgevers.”

Belangrijke tak in food- en agrisector is vleesverwerking

In de verschillende deelsectoren loopt het ook moeizaam. Henk Flipsen, directeur van de Nederlandse Vereniging Diervoedingsindustrie (Nevedi), geeft aan dat het niet alleen moeilijk is om mensen op wo- en hbo-niveau te vinden, maar dit geldt ook voor mensen van mbo-niveau en voor het personeel voor technische diensten of chauffeurs. “Over de hele breedte kun je zeggen dat het moeilijk is. Soms worden vacatures ingevuld door personeel van collega-bedrijven. Zo ontstaat roulatie. Natuurlijk zie je ook wisseling tussen verschillende sectoren.”

Een andere belangrijke bedrijfstak in de food- en agribusiness is de vleesverwerking. De totale Nederlandse vleessector telt 12.000 medewerkers en biedt indirect nog eens werk aan 20.000 mensen, meldt de Centrale Organisatie voor de Vleessector (COV) op haar website. Op de site van arbeidsmarktbemiddelaar Food&Agri vacatures staan zeker 60 vacatures open voor de vleessector en ook op Indeed zijn er 100 open vacatures te vinden.

Openstaande vacatures in de levensmiddelenindustrie zijn goed voor 15,3% van de openstaande vacatures in de gehele Nederlandse industrie

Ook koepelorganisatie van de foodbedrijven, Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI), geeft op hun site aan dat de sector te maken heeft met een flink aantal openstaande vacatures. In hun jaarlijkse monitor levensmiddelenindustrie geeft FNLI aan dat het aantal openstaande vacatures in 2021 steeg met 24% naar 4.100. Dit aantal steeg verder in het eerste half jaar van 2022 naar 5.900. “Openstaande vacatures in de levensmiddelenindustrie zijn goed voor 15,3% van de openstaande vacatures in de gehele Nederlandse industrie.”

In heel Nederland stonden er eind september 449.000 vacatures open. Dit zijn 17.000 vacatures minder dan eind juni. Dit is de eerste daling na het recordaantal openstaande vacatures in juni. Hoeveel daarvan precies vallen onder de food- en agrisector is niet te zeggen, dit wordt niet apart geregistreerd. Wel zijn er cijfers over de bedrijfstak landbouw, bosbouw en visserij. Daar is het aantal openstaande vacatures enigszins gedaald, van 35.000 eind april naar 23.000 eind september.

We willen veel extra mensen aannemen, maar het vinden van de goede mensen is lastig

Toch is het nog steeds moeilijk om werknemers te vinden. Gebrek aan de juiste opleiding is daarbij ook een factor, verklaart Flipsen van Nevedi. Volgens hem is het daarnaast lastig in te schatten, omdat er geen recent onderzoek is gedaan naar de mate waarin de sector ‘aantrekkelijk’ wordt gevonden door jonge instroom van net afgestudeerden die net op de arbeidsmarkt komen.
Nicolien Stam verduidelijkt: “We kijken naar wat een bedrijf nu precies zoekt. In het cv en op papier kan een persoon ideaal zijn, maar het gaat erom dat die persoon past binnen de afdeling.”

Daniëlle Brouwer, van Rabobank Food&Agri afdeling, ziet ook een grote krapte op de arbeidsmarkt. Vooral in de financiële sector, maar niet specifiek in de food- en agrisector. “We willen veel extra mensen aannemen, maar het vinden van de goede mensen is lastig. Het tekort is overal, in veel sectoren hebben ze hier last van, ook bijvoorbeeld in de horeca. Het is een economische uitdaging en ik denk dat daarom de Carrièredagen leuk en interessant zijn.”

Sectoren aantrekkelijk maken blijft uitdaging

De bedrijven en brancheorganisaties proberen hun sector zo aantrekkelijk mogelijk te maken, vooral voor jongeren. Huub Huizinga merkt op dat veel kandidaten die hij spreekt voor een baan met één been al in de sector zitten. “Meestal komen ze wel weer terug na een uitstapje naar een ander beroep. Dit komt vooral door de algemene werksfeer en de grote betrokkenheid in de rest van de sectoren, ondanks het lage salaris.”

Nevedi probeert met werkgevers en -nemers steeds afspraken te maken over arbeidsvoorwaarden die volgens de organisatie aantrekkelijk en minstens marktconform zijn. Daarnaast levert Nevedi een bijdrage aan de stichting Bevordering Studie Diervoeding. Via deze stichting kunnen studenten met studies gericht op veehouderij, in aanmerking komen voor een studiebeurs, vertelt Flipsen.

Het FNLI investeert in Stichting Ontwikkelingsfonds Levensmiddelenindustrie (SOL) om zo kennis en vakmanschap te behouden en te kunnen bouwen aan een toekomst voor de sector. “Een goede aansluiting tussen het beroeps- en hoger onderwijs en het bedrijfsleven speelt hierin een belangrijke rol. Opleidingen moeten daarom goed overeenkomen met de verwachtingen van studenten, werknemers én werkgevers”, zegt het FNLI.

Het toekomstbeeld

Er zijn, volgens Henk Flipsen, zakelijk gezien altijd uitdagingen. “Zeker met de huidige markt- en beleidsontwikkelingen waarmee het aantal landbouwhuisdieren in Nederland richting 2030 verder onder druk komt te staan. Dit is natuurlijk van invloed op de voeromzet in Nederland en er zijn dus direct gevolgen voor onze industrie.” Huizinga: “We moeten ons goed realiseren dat vele sectoren ook met regelgeving te maken krijgen. Er zijn ontwikkelingen, mogelijkheden en kansen die ons een goede toekomst kunnen bieden. Op een aantal gebieden zouden bedrijven moeten ophouden, maar dit betekent niet dat de hele sector weg is.”

Het moeilijke volgens Flipsen is dat er op korte termijn veel onduidelijkheid is over het beleid, regels en de manier waarop op lange termijn doelen moeten worden ingericht in de diervoederindustrie. “Zolang Europees en nationaal in Nederland geen duidelijke kaders bestaan voor veehouders en daardoor voor onze industrie, zie je dat bedrijven voorzichtig zijn met investeren.”

Sanders
Lisa Sanders Redacteur


Beheer