China blijft investeren in uitbreiding veestapel

07-06 | |
Mocht het China al lukken het benodigde aantal dieren te verzamelen dan ligt er nog een grote uitdaging wat betreft het nodige voer. Foto: ANP
Mocht het China al lukken het benodigde aantal dieren te verzamelen dan ligt er nog een grote uitdaging wat betreft het nodige voer. Foto: ANP

China investeert nog steeds fors in uitbreiding van de eigen veestapel.

Hoewel de Chinese melkveesector zich in de afgelopen jaren al enorm heeft ontwikkeld, is de honger nog niet gestild. Dat blijkt uit een bericht van Reuters.

Beijing Orient Dairy telde vorig jaar 200 nieuwe melkveeprojecten. De projecten zijn onder meer een gevolg van hoge melkprijzen en subsidieregelingen. Volgens het consultancybedrijf gaat het in 60% van de projecten om plannen voor meer dan 10.000 koeien. Als alle projecten in de komende jaren worden uitgevoerd, betekent dit dat er 2,5 miljoen koeien bijkomen.

Stijgende vraag naar zuivel

De vraag naar zuivel in China blijft toenemen. De markt vertegenwoordigt een waarde van meer dan € 50 miljard. Ongeveer een vijfde deel van deze omzet komt uit de verkoop van dagverse melk. De vraag naar verse melk nam gedurende de eerste elf maanden van 2020 met 21% toe. Om aan de stijgende vraag te voldoen, bouwen verschillende partijen nieuwe melkveebedrijven in de buurt van grote steden. Reuters geeft voorbeelden als Modern Dairy en Bright Dairy and Food. De eerste wil zijn veestapel komende jaren verdubbelen naar 500.000 koeien. Bright Dairy wil de huidige veestapel van 66.000 koeien uitbreiden met nog eens 31.000 koeien.

Te weinig melkkoeien

Volgens Beijing Orient Dairy zijn voor de bedrijven in aanbouw in totaal 1,35 miljoen koeien nodig. Probleem is dat die er niet zijn. Een aantal stallen blijft mogelijk leeg. Het bureau schat dat China zelf komende twee jaar 500.000 vaarzen kan opfokken. Een tweede optie is import. Afgelopen jaar importeerde China bijna 200.000 vaarzen, voornamelijk uit Nieuw-Zeeland en Australië. In twee jaar zouden nog eens 400.000 vaarzen kunnen worden geïmporteerd. In totaal staat de teller dan nog niet op 1 miljoen en zeker niet 1,35 miljoen dieren. Bijkomend probleem is dat Nieuw-Zeeland afgelopen april aankondigde uit dierwelzijnsoogpunt binnen twee jaar met de export van levende dieren te willen stoppen.

De vraag naar drachtige vaarzen in Australië is vervolgens snel toegenomen, maar duidelijk is dat er meer exportlanden nodig zijn om aan de grote vraag te kunnen voldoen. Brazilië, de Verenigde Staten en de EU worden genoemd als belangrijke kandidaten. Er zouden gesprekken gaande zijn tussen de VS en China maar meer dan dat is niet bekend.

Benodigde voer is uitdaging

Duidelijk is dat de uitbreidingsplannen nog veel inspanning vergen. Mocht het China al lukken het benodigde aantal dieren te verzamelen dan ligt er nog een grote uitdaging wat betreft het nodige voer. Veel Chinese melkveebedrijven zijn aangewezen op import en de prijzen zijn in de afgelopen periode flink gestegen. Of de 200 projecten komende jaren succesvol worden gerealiseerd is voorlopig nog de vraag. Ondanks de vele onzekerheden is in ieder geval duidelijk dat de groeiambities er in China niet minder om zijn geworden.

Willem Veldman



Beheer