Lector: ‘Grip op inhoudsstoffen groente en fruit nodig’

03-11-2021 | |
Herman Peppelenbos, lector groene gezondheid, wil de consumptie van groente en fruit stimuleren. "Hopelijk leidt grip op de inhoudsstoffen en de relatie tot gezondheid tot meer waardering en meer waarde van groente en fruit. Dat is mijn droom.” Foto: Karin Jonkers
Herman Peppelenbos, lector groene gezondheid, wil de consumptie van groente en fruit stimuleren. "Hopelijk leidt grip op de inhoudsstoffen en de relatie tot gezondheid tot meer waardering en meer waarde van groente en fruit. Dat is mijn droom.” Foto: Karin Jonkers

Mensen zijn door de coronapandemie meer groente en fruit gaan eten, maar nog zeker niet genoeg. Op de HAS Hogeschool in Den Bosch wordt gezocht naar manieren om die consumptie op een hoger niveau te krijgen. Ideeën zijn er genoeg, ze in de praktijk lanceren is weer een ander verhaal. “We hebben veel geleerd, maar de wereld nog niet veranderd.”

Herman Peppelenbos is sinds 7,5 jaar lector groene gezondheid aan de HAS Hogeschool in Den Bosch. Met studenten van de opleidingen Food Innovation, Tuinbouw en akkerbouw en Toegepaste biologie ontwikkelt hij respectievelijk groenterijke voedingsconcepten, meetmethodes voor inhoudsstoffen van groente en fruit en methoden om de kwaliteit na de oogst te verbeteren. Het ultieme doel van Peppelenbos is dat mensen meer groente en fruit gaan eten.

‘Light user’

Nederlanders eten te weinig groente; gemiddeld 131 gram per dag, terwijl de aanbeveling minimaal 250 gram is. Slechts 16% van de Nederlandse eet voldoende groente en hoofdzakelijk bij de avondmaaltijd. Het grootste deel is een zogenoemde ‘light user’ van groente en zit rond de 90 gram per dag. Het aandeel groente in het eetpatroon is hoger bij oudere mensen. Maar bij jongeren is nog flinke winst te boeken. Dat is een doelgroep waar Peppelenbos middenin zit en onderzoek naar doet. “Studenten zijn de consumenten van de toekomst”, onderstreept de lector. “En een eetpatroon is een vorm van gedrag. Er wordt nog niet veel gedaan om jongeren te helpen een gezond eetgedrag te ontwikkelen, terwijl dat juist belangrijk is.”

Vergeleken bij andere Europese landen eten we nog steeds echt weinig groente en fruit

Over gezond eten moet je jongeren informeren en daarnaast moet je het gewoon aanbieden, stelt hij. Het moet beschikbaar zijn. “Onze voedselomgeving kan veel beter”, vindt de lector. “Door de coronapandemie zijn mensen zich bewuster geworden van wat ze zelf kunnen doen aan gezondheid. Mede daardoor is de consumptie van groente en fruit in 2020 zo’n 9% toegenomen. Maar vergeleken bij andere Europese landen eten we nog steeds echt weinig groente en fruit. Dat is toch bizar als je bedenkt wat voor geweldige producten in ons land worden geproduceerd. Maar we eten het niet zelf op, we verdienen er geld mee. Typisch Nederlands, op zich.”

Groente te ingewikkeld

Mensen meer groente laten eten blijft een uitdaging. Consumptiemomenten spreiden over de dag biedt zeker perspectief. Groente is echter iets ingewikkelder om aan te komen dan aan snelle ongezonde producten. Dus als leerlingen een korte pauze hebben, zullen ze sneller een koek in de mond stoppen dan een salade.

Voormalige HAS-studenten Valerie Naus (links) en Matty Bosch met het groenteconcept waar zij aan gewerkt hebben. Foto: HAS Hogeschool
Voormalige HAS-studenten Valerie Naus (links) en Matty Bosch met het groenteconcept waar zij aan gewerkt hebben. Foto: HAS Hogeschool

“We hebben bij ons op de HAS de behoefte aan groente en fruit bij studenten onderzocht, door het gratis aan te bieden. Dat vond gretig aftrek. Vooral bij de groep die voorheen weinig groente en fruit at, had het veel effect. Maar gratis is geen business case, dus wilden we ook testen hoeveel studenten willen betalen voor porties groente en fruit in stukjes. € 1 per 150 gram was haalbaar. Voordat we dat konden uitrollen, gooide corona helaas roet in het eten. We kunnen dat nu weer oppakken met Appèl Catering. Waarbij we samen zoeken naar een lekker en betaalbaar aanbod.”

Wat is nou gezond?

Naast verse groente en fruit is er een wereld aan mogelijkheden in de ver- en bewerkte producten. In die vorm is verhogen van de groenteconsumptie voor veel mensen wellicht makkelijker toepasbaar. Dat onderzoeken Peppelenbos en zijn studenten dan ook volop. De wereld van bewerkte producten is echter niet erg transparant. Want wat is nou gezond? Een product met veel groente waar ook veel zout in zit, is bijvoorbeeld niet handig. En wanneer mag je een product meetellen voor je groenteconsumptie? Hoeveel groente moet er dan minimaal in zitten? En hoe sterk bewerkt mag het dan zijn? Dat zijn de dilemma’s waarmee het lectoraat groene gezondheid worstelt.

“We zijn in gesprek met het Voedingscentrum over de beoordeling van dit soort producten. Want een groenterijk product past nu misschien niet in de Schijf van Vijf, maar kan binnen een eetpatroon van iemand wel een stap de goede kant op zijn. Deze groenterijke producten zijn daarmee een heel nieuwe categorie die apart moet worden beoordeeld. Om het kaf van koren te kunnen scheiden. Hier liggen kansen, zeker ook voor de voedingsmiddelenindustrie.”

Plek veroveren in foodsector

Maar daar zit ook enige frustratie; de soms briljante ideeën van zijn studenten komen tot dusver nog niet verder dan de schoolbanken, omdat de foodsector ze niet oppakt. “We hebben veel geleerd, maar de wereld nog niet veranderd”, realiseert Peppelenbos zich. “De risico’s voor potentiële producten zijn groot, dat snap ik. Zeker als het om verschillende grondstoffen gaat die binnen een product samenkomen, met bijvoorbeeld elk een eigen houdbaarheid. Daarom zijn we nu met het Innovatieplatform Groente met de catering bezig. Die sector is flexibeler, probeert eens wat uit en maakt combinaties. De weg naar het winkelschap is veel langer. Maar die willen we uiteindelijk ook bewandelen.”

Groente verwerken in voedingsmiddelen is super, maar het verhaal moet wel kloppen en geen gebakken lucht zijn

Het lectoraat gaat verder dan ideeën bedenken en proberen er een markt voor te vinden. De daadwerkelijke voedingswaarde van producten wordt ook uitgeplozen. “Groente verwerken in voedingsmiddelen is super, maar het verhaal moet wel kloppen en geen gebakken lucht zijn. Dus moet je weten wat er in producten zit. Als ergens groente in verwerkt is, zitten alle waardevolle stoffen er dan nog in? Daarover gaan allerlei mythes rond, maar je moet meer meten. Meten is weten. Zitten in bijvoorbeeld bewerkt voedsel de nutriënten die je nodig hebt?”

Voedingswaarde vaststellen

Als je de voedingswaarde van verse producten kan vaststellen, en daarnaast zicht hebt op mogelijke oorzaken van variatie in die voedingswaarde, ontstaat er ruimte voor betrouwbare voedingsclaims. En kun je een basis leggen voor gezondheidsclaims. Dat kan voor de primaire producent een heel mooie kans zijn. “Zo goedkoop mogelijk produceren voor de bulkmarkt doen velen niet uit weelde. Hoe mooi zou het zijn als je de waarde van groente en fruit veel beter kan onderbouwen, met een speciaal plekje in de afzet? Ik zou dat telers ontzettend gunnen. De metingen zijn echter ontzettend duur.

Grip op de inhoudsstoffen

Wij steken binnen het samenwerkingsverband ‘De waarde van groente en fruit’ de koppen bij elkaar met de Universiteit van Maastricht, Avans Hogeschool en een grote groep bedrijven. Samen gaan we dit najaar onderzoeken wat er nodig is om tot gezondheidsclaims te komen in groente en fruit. Hopelijk leidt grip op de inhoudsstoffen en de relatie tot gezondheid tot meer waardering en meer waarde van groente en fruit. Dat is mijn droom.”

Vos
Petra Vos Redacteur


Beheer