Iwan Gijsbers (Normec): ‘Alle ketenpartijen nodig voor toegevoegde waarde’

20-01 | |
voedselketen
Iwan Gijsbers, directeur Innovatie Agro bij Normec Foodcare: “Boeren die de juiste insteek hebben voor de productie, kunnen gemakkelijker contact krijgen met retailers.” Foto: Van Assendelft Fotografie

Consumenten zijn kritischer op gezondheid, duurzaamheid en diervriendelijkheid. Retailers en voedselverwerkers stellen steeds vaker vragen hierover aan de boer. Dat dwingt de agrarisch ondernemer uit de anonimiteit te stappen en zichtbaarder te worden in de voedselketen. Misschien lastig, maar het biedt volgens Iwan Gijsbers, directeur Innovatie Agro bij Normec Foodcare, volop kansen.

De transparantie van grondstoffen die van ver komen is veel lastiger inzichtelijk te krijgen. En dat is sinds corona in een heel ander daglicht komen te staan. Mensen raken meer geïnteresseerd in gezond en vers eten van dichtbij. De omzet van boerderijverkoop stijgt de laatste jaren dan ook flink. Maar welke eisen worden er precies aan transparantie gesteld?

Nieuwe verdienmodellen

Agrifood-ondernemer Iwan Gijsbers weet uit ervaring wat daarbij komt kijken. Hij heeft een eigen varkenshouderij, runt daarnaast een onderzoekslaboratorium, is kartrekker van verschillende agrarische innovatieprojecten en directeur Innovatie Agro bij Normec Foodcare, kennispartner in voedselveiligheid, productkwaliteit en smaak in de foodsector. “Er wordt steeds meer gevraagd van boeren. Dat komt omdat er veel speelt in de sector en de maatschappij verandert. Er komen nieuwe concepten, ontstaan nieuwe ketens en dus ook nieuwe verdienmodellen.”

Het gaat niet langer alleen om het product zelf, maar ook om de productiewijze

Boeren weten echt wel waar hun product in de basis aan moet voldoen. Melk en vlees wordt getest en gecontroleerd. De productintrinsieke kenmerken, alle aspecten die impact hebben op de samenstelling van een product, zijn bekend. Daarentegen zijn de productextrinsieke kenmerken, alles met betrekking tot het productieproces en de omgeving, vaak nog wel een onontgonnen terrein. En daar willen retailers, voedselverwerkers en consumenten juist steeds meer over weten. “Het gaat niet langer alleen om het product zelf, maar ook om de productiewijze. Daarover meer inzicht kunnen geven, wordt steeds belangrijker”, aldus Gijsbers.

MVO

In de dierhouderij gaat het dan om het geven van antwoorden op vragen als de ruimte per dier, hoe er wordt gehuisvest en wat voor voer je geeft. Staan de koeien in de wei of alleen in de stal? Bij akkerbouw gaat het bijvoorbeeld over het gebruik van bewerkte meststoffen, mineralen, gewasbeschermingsmiddelen en de veiligheid van de nutriënten die worden gebruikt op het land.

De ontwikkeling naar meer ketentransparantie heeft alles te maken met maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). “Je kunt je hiermee profileren, maar dat is best een omslag en vergt een verandering in denken.” De jonge generatie boeren en tuinders ziet het volgens Gijsbers wel, toch zijn er ook nog veel boeren volgend en in eerste instantie afwachtend. “Ze willen eerst de beloning zien, voordat ze erin meegaan. Maar je zult echt zelf het initiatief moeten nemen en de kansen pakken.”

Het gaat om de continuïteit van je bedrijf. Men is bereid jouw product blijvend af te nemen

Gijsbers is met zijn varkenshouderij als tweede bedrijf in Nederland gecertificeerd; toentertijd nog Milieukeur, nu Keten Duurzaam Varkensvlees. Hierdoor werkt hij volgens bepaalde protocollen die bij het ketenprogramma horen. “Natuurlijk hoop je dat dit wordt gewaardeerd, in eerste instantie niet eens financieel. Het gaat om de continuïteit van je bedrijf. Men is bereid jouw product blijvend af te nemen. Dat is het belangrijkste. In al die jaren heb ik nooit gehoord van de slachterij ‘ik heb even geen ruimte voor jouw varkens’. Daarnaast kan het financieel ook nog wat opleveren, maar dat komt vaak later.”

Met een aantal koplopers zat Gijsbers samen met de slachterij en andere stakeholders aan tafel om de kenmerken te bepalen. “Zo zijn we bijvoorbeeld gestopt met het castreren van beren. Het kost veel tijd om dit te vertalen naar afzetzekerheid. Nu begint dat zich uit te betalen.” Nog een voorbeeld is het antibioticavrij werken en het niet langer werken met slachtnummers maar met digitale chips. “Daar moesten we eerst iets voor doen, maar het zorgt nu wel voor meer opbrengst.”

Langetermijndenken

Je hebt alle partijen nodig in de keten om toegevoegde waarde te creëren, erkent Gijsbers. Wees bereid om elkaar als ketenpartijen vast te blijven houden, ook als het even tegen zit. “Boeren bepalen het niet alleen, maar moeten wel het lef hebben om het aan te gaan. Niet wegrennen bij tegenslag, maar het dichtbij onszelf blijven zoeken. Als sector kunnen we laten zien, of het nu vlees, melk of een ei is, dat deze producten uit Nederland extrinsiek veel beter worden geproduceerd dan in bijvoorbeeld een land als Brazilië. Het gaat om langetermijndenken. Houd voor ogen dat het gaat om de afzetzekerheid in de toekomst en uiteindelijk ook financieel voordeel.”

Als je als agrarisch ondernemer met een ketenprogramma meedoet, zit je direct aan tafel met andere stakeholders. “Vaak is een keten vanuit de sector goed ingeregeld. Toch moet je ook niet vergeten om anderen aan tafel erbij te hebben, zoals de Dierenbescherming. Dan landt het veel beter en helpen zij ook het verhaal te vertellen. Je hebt anderen nodig als ambassadeur.”

Realtime informatie

voedselketen
Foto: Herbert Wiggerman

Metingen en sensoren gaan we meer tegenkomen op het boerenerf. “Je kunt dan de consument laten zien: ‘dit is wat wij doen’.” Ook retailers zoeken naar hulpmiddelen om aantijgingen van activistische aard direct te kunnen tackelen. Zoals bij weidemelk. Of koeien voldoende buiten lopen, wordt een aantal keren per jaar op de boerderij fysiek gecontroleerd, maar het systeem is volgens Gijsbers niet helemaal waterdicht. “Bij Normec Foodcare onderzoeken we daarom of we een tool voor de sector kunnen ontwikkelen. Als je de zenders van de koe aan een gps koppelt, krijg je realtime informatie over waar de koe is. Je kunt dan direct pareren dat zo’n uitspraak, over dat koeien te weinig buiten zijn, niet klopt.”

De regie zelf terugpakken door meer te meten en te weten is van belang voor de bestaanszekerheid van de agrarische sector in Nederland, vindt Gijsbers. “Je zult samen met marktpartijen aan de slag moeten. Daarom is het zo belangrijk dat je daar contact mee hebt. Dan heb je er grip op. Boeren die de juiste insteek hebben voor de productie, kunnen gemakkelijker contact krijgen met retailers.”

‘Het gaat om afzetzekerheid in de toekomst, daarna komt pas het financiële voordeel’.

Jorritsma
Annemiek Jorritsma Freelance redacteur


Beheer