Cono blijft koploper qua duurzaamheid en melkprijs

Cono Kaasmakers wordt steeds meer in de nek gehijgd door duurzame zuivelconcepten als PlanetProof en Albert Heijn-zuivel. Toch kan de coöperatie zich nog steeds profileren als koploper qua duurzaamheid in de melkveehouderij.

Het nieuwe MVO-jaarverslag 2018-2020 getuigt daarvan. Op zaken als weidegang, percentage gesloten bedrijven en antibioticagebruik steekt Cono duidelijk boven het gemiddelde uit. Nu geldt dit soort voorloperschap niet altijd meer als een plus bij melkveehouderschap, behalve als er een duidelijke meerprijs mee kan worden behaald. Dat is bij Cono nog altijd het geval. Cono betaalt ruimschoots de hoogste gemiddelde melkprijs uit in de Nederlandse zuivel, al zijn er deelstromen bij anderen die daarbij in de buurt komen of er zelfs af en toe overheen gaan. Echter, daar gelden dan ook allerlei extra eisen voor.

Bovengemiddeld aantal uren weidegang per jaar

Het gemiddelde percentage weidegang bij Cono schommelt al jaren rond de 94%. Weidegang blijkt echter niet alleen uit het percentage bedrijven dat de koeien buiten laat of uit het aantal koeien dat mag grazen in de wei. Een minstens zo belangrijke indicator is het aantal weide-uren per jaar. Vorig jaar stond de teller daarvoor op gemiddeld 1.648 uren per melkkoe per jaar. Bij Cono staat die op gemiddeld 1.941 uur over de laatste drie jaren.

Misschien nog bijzonderder is dat de trend daarbij weer omhoog is, want dat is bij al het positieve nieuws over weidegang in de afgelopen jaren niet bereikt. Het aantal weide-uren per koe bleef in doorsnee dalen. De hoge score aan weide-uren is volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vooral te danken aan de Noord-Hollandse Cono-leden. Noord-Holland geldt met gemiddeld meer dan 2.400 uren weidegang per koe per jaar als de weide-provincie bij uitstek.

Ook goede scores wat betreft antibioticagebruik

Ook qua percentage gesloten bedrijven en qua antibioticagebruik scoort de coöperatie goed. Landelijk geldt ruim 47% van de bedrijven als gesloten (12 maanden of langer geen vee-aanvoer van buiten het bedrijf), Cono scoorde vorig jaar een percentage van 56. Het antibioticagebruik bleef in de voorbije drie jaar gemiddeld onder de 2,1 dier-dagdoseringen per jaar. Het landelijk gemiddelde schommelde tussen de 3,01 en 3,07 doseringen. De kalversterfte bedroeg vorig jaar 11%, de gemiddelde afvoerleeftijd van melkvee net geen zes jaar.

Voer sinds dit jaar gegarandeerd GMO-vrij

Zo’n 92% van het bedrijfsareaal van Cono-leden bestaat uit grasland. Een kleine 60% van het areaal is blijvend grasland. Gevolg daarvan is dat ook het overgrote deel van het rantsoen uit gras bestaat. Dit voer en ook de rest van het rantsoen is sinds begin 2020 gegarandeerd GMO-vrij. Ook geldt voor de eigen ruwvoerteelt van de leden een glyfosaatverbod. Dat was wel een lastige regel, maar toch gebruikte in de voorbije jaren al zo’n 90% van de leden in het geheel geen glyfosaat meer.

Verdere stappen vooruit zetten, wordt steeds lastiger. Ook voor Cono, maar zolang de leden nog steeds een meerprijs krijgen, lijkt voortgang mogelijk.

Lees ook: Eerste duurzame Cono-stal een feit

2/3 artikelen over | Registreer om meer artikelen te lezen.