Doorgaan naar artikel

Wat is de milieuwinst van de eiwittransitie?

De Gezondheidsraad heeft onderzoek gedaan naar de milieuwinst van de eiwittransitie.

milieuwinst eiwittransitie premium

Foto: Canva

De Gezondheidsraad heeft onderzoek gedaan naar de milieuwinst van de eiwittransitie. Daaruit blijkt dat een verminderde consumptie van (rood)vlees tot milieuwinst leidt.

Er zijn verschillende manieren om de milieu-uitstoot te verlagen, wijst het literatuuronderzoek van de Gezondheidsraad uit. Door bijvoorbeeld veel rood vlees te vervangen door wit vlees (kip of varkens) kan dat een milieuwinst van 20 tot 30% opleveren, blijkt uit onderzoek van de Technische Universiteit Denemarken. Ook het vervangen van vlees door vleesvervangers levert milieuwinst op. Wanneer 75% van het vlees wordt vervangen daalt de uitstoot van broeikasgas als gevolg van de voedselconsumptie met een derde, blijkt uit een studie in Zwitserland uitgevoerd door Wageningen Universiteit.

De raad merkt op dat voor het behalen van milieudoelstellingen meer nodig is dan alleen de eiwittransitie. Het is ook noodzakelijk dat mensen niet meer eten dan nodig, dat voedselverspilling wordt tegengegaan en dat milieu-impact wordt verlaagd via innovatie in productiesystemen

Minder uitstoot en landgebruik

De Gezondheidsraad berekent dat het vervangen van dierlijke producten (verlaging vlees- en zuivelconsumptie met 30% of halvering vlees en matiging zuivelconsumptie) leidt tot een uitstoot en landgebruik-vermindering van 15% ten opzichte van het huidige voedingspatroon. De volledige vervanging van vlees en zuivel door plantaardig verlaagt de broeikasuitstoot met 47% en het landgebruik met 41-50%.

Inefficiënte omzetting naar dierlijk eiwit

Plantaardige eiwitbronnen hebben een verminderde impact op het milieu. Dat komt voort uit het feit dat dieren plantaardige eiwitten inefficiënt omzetten tot dierlijke eiwitten. Er wordt geschat dat voor één kilo dierlijk eiwit, zes kilo plantaardig eiwit nodig is. Daarbij komt dat de productie van dierlijke eiwitten ook leidt tot verzuring van de bodem en vermesting van zout water. Ook het voer voor de dieren en bij runderen de emissie van methaan, tikt aan bij de totale uitstoot van dierlijke eiwitten. Qua waterverbruik zitten dierlijke en plantaardige eiwitten ongeveer gelijk, met uitzondering van enkele noten waar het waterverbruik veel hoger ligt. Toch maakt de Gezondheidsraad ook hier een kanttekening: wanneer de milieu-effecten per kilo eiwit worden uitgedrukt, komt de milieu-impact van dierlijke en plantaardige producten dichter bij elkaar. Dat komt doordat plantaardige producten relatief minder eiwitten bevat.

Vlees- en zuivelvervangers

Ook vlees- en zuivelvervangers hebben een lagere milieu-impact dan hun dierlijke versies door de lagere milieu-impact van de eiwitbronnen. Wel heeft de verwerking van de ingrediënten voor de vervangers meer energie nodig. Hierbij gaat ook een deel van de eiwitten verloren. Door de emissies van het productieproces te verminderen, kan de impact van vleesvervangers verlaagd worden.

Eiwittransitie voor gezondheid

De Gezondheidsraad deed onderzoek naar de gevolgen van de eiwittransitie voor de gezondheid. Hieruit blijkt dat een verschuiving naar 60% plantaardig eiwit en 40% dierlijk gezonder is voor Nederlanders dan de huidige consumptie (42% plantaardig, 58% dierlijk). Daarnaast keek de raad ook naar de milieu-impact van de verschuiving, omdat dit ook een argument kan zijn. De Gezondheidsraad adviseert de overheid om in te zetten op meer plantaardige eiwitconsumptie.

Snel delen

Alieke Hilhorst
Alieke Hilhorst

Redacteur

Misset Uitgeverij B.V. Auteursrecht voorbehouden

Algemene voorwaarden Privacy Cookies

Beheer
WP Admin