Doorgaan naar artikel

​1,5 jaar Bean Deal: Banden gesmeed, maar echte impact gaat nog komen

1,5 jaar geleden tekenden 56 partijen de Bean Deal om de Nederlandse peulvruchten op de kaart te zetten. Wat hebben zij inmiddels bereikt?

Geüpdatet op:
Interview
Eiwittransitie
Bean Deal-ketenregisseur Sonja Zuijdgeest premium

Sonja Zuijdgeest is ketenregisseur van de Bean Deal. - Foto's: Van Assendelft Fotografie

Anderhalf jaar geleden tekenden 56 ketenpartijen de Green Deal Eiwitrijke Gewassen, ofwel de Bean Deal. Het doel: Nederlandse peulvruchten op de kaart zetten. Wat is er de afgelopen anderhalf jaar aan gedaan om dit doel te bewerkstelligen?

Op 14 juni 2022 tekenden 56 partijen de Green Deal Eiwitrijke Gewassen, onderdeel van de Nationale Eiwitstrategie. Die partijen – overheden, verwerkers en telers – zegden hiermee toe om zich in te zetten voor het opschalen van de Nederlandse teelt en verwerking van eiwitrijke gewassen, primair bestemd voor humane consumptie, met een focus op stikstofbindende vlinderbloemigen. Het project waarin de hele keten is betrokken, duurt drie jaar. Sonja Zuijdgeest is ketenregisseur van de Bean Deal, zoals de Green Deal ook wordt genoemd. Zij vertelt wat er in die anderhalf jaar is gebeurd en wat er in de resterende anderhalf jaar nog gedaan gaat worden.

Wat zijn belangrijke momenten geweest in de afgelopen anderhalf jaar voor de Bean Deal?

“Er zijn er al veel geweest, maar ik denk dat de belangrijkste momenten zijn als alle partijen bij elkaar komen. Dat is natuurlijk ook het doel van de Bean Deal: verschillende ketenpartijen aan elkaar verbinden en een gestroomlijnde peulvruchtenketen organiseren. De afgelopen anderhalf jaar heeft de focus echt gelegen op elkaar leren kennen, communicatie tussen de partijen opzetten en in beeld krijgen van de uitdagingen en vragen. Waar zit de vraag van voedselproducenten en cateraars en hoe kunnen partijen eerder in de keten daarop inspelen? Aanvankelijk dachten we dat wij als Bean Deal ook voor een groot deel aan kennisdeling gingen doen, maar we zien dat onze deelnemers dat zelf al heel goed doen. Bean Deal neemt meer een ambassadeurs rol zoals op evenementen als Food Inspiration Outdoor en Plant FWD: de Bean Deal als middel om het verhaal van Nederlandse peulvruchten te vertellen.”

“In die anderhalf jaar hebben we ook een grote tegenvaller gehad. Een grote aanvraag uit het Nationaal Groeifonds, EPPIC, werd afgekeurd. Dit was een aanvraag van € 96 miljoen voor het versnellen van de eiwittransitie. Een deel van dit budget was bedoeld om de Bean Deal verder uit te bouwen, maar die is niet toegekend. Dat was een enorme domper. Het EPPIC-projectteam is nu bezig met het verkennen of er een EPPIC 2.0-aanvraag komt.”

Als zaadveredelaars veredelen op resistentie, maar cateraars juist smaakvolle bonen willen, loop je al scheef

Wat hebben jullie nu al bereikt?

“We hebben een netwerk gecreëerd en ervoor gezorgd dat partijen elkaar beter leren kennen en elkaar ook kunnen vinden. Dat is moeilijk in een keten. Partijen voorin de keten hebben vaak geen idee wat partijen verderop verwachten. Als zaadveredelaars veredelen op resistentie, maar cateraars juist smaakvolle bonen willen, loop je al scheef. De Nederlandse peulvruchtenketen moet vanaf nul worden opgebouwd: we moeten nu de rails aanleggen tussen de partijen. De schakels moeten met elkaar worden verbonden. Maar we hebben ook stations en reisinformatie nodig. Daar hebben we nu de basis voorgelegd.”

“De rol van Bean Deal is het aandrijven van de markt van peulvruchten, maar de uiteindelijk invulling is aan de deelnemende partners. De partners zoeken elkaar ook al op. Denk bijvoorbeeld aan Eiwitboeren van Nederland die samen met Foodvalley NL een beeldmerk hebben gelanceerd. Of BOON die lupinebonen van Nederlandse producenten verkoopt. Ik merk ook dat Bean Deal als een soort stimulans werkt voor ketenpartijen om kansen met peulvruchten van eigen bodem te verkennen. Het legitimeert dat er een project wordt opgezet rondom teelt of verwerking of het doen van investeringen. Het tekenen van de Bean Deal was niet alleen maar een belofte aan elkaar, maar ook een afspraak met zichzelf. Daar kunnen ze nu op aangesproken worden binnen hun organisatie. Bean Deal is geen doel, maar een middel.”

Is er ook al iets terug te zien in het areaal peulvruchten?

“We zien een toename in het aantal hectares van 4.140 in 2020 naar 7.840 in 2023. De teelt is wel lastig, vooral in een jaar als 2023 waarin een deel van de oogst helaas is mislukt door een droog voorjaar en een nat najaar. Er is een kans dat boeren nu denken: nu even geen bonen. Maar naar wat ik heb vernomen, neemt het areaal volgend jaar toe. Het aantal boeren dat peulvruchten teelt stijgt ook, maar dat blijft een aandachtspunt. De producentenorganisatie Eiwitboeren van Nederland zet vol in op voorlichting.”

“Ook hebben we grote akkerbouworganisaties als BO Akkerbouw en ZLTO aan ons verbonden. We hopen op die manier meer boeren te enthousiasmeren voor het telen van peulvruchten. Het mooie is dat akkerbouwers zelf een grote drive hebben om peulvruchten te telen als onderdeel van hun bouwplan. Het is namelijk een heel mooi rustgewas dat bijdraagt aan stikstofbinding. Rustgewassen zijn op dit moment vaak verliesgevend voor de boer. Dat geldt ook nog voor peulvruchten, maar we willen dat met de Bean Deal veranderen.”

We hopen dat bedrijven vanwege CSRD eerder zullen overstappen op Nederlandse bonen

Wat zijn dan de knelpunten waar de ketenpartijen tegenaanlopen?

“Het verdienvermogen voor boeren is een van de grootste knelpunten in de Bean Deal. Het doel is natuurlijk dat boeren en de andere ketenpartners een boterham kunnen verdienen aan de peulvruchtenteelt. Het creëren van meerwaarde voor afnemers door het inkopen van Nederlandse bonen is daarbij belangrijk. Nu wordt nog te veel gepraat over verdienmodellen en subsidies, maar als producten een toegevoegde waarde bieden volgt een eerlijk prijs hopelijk ook. Een van de ontwikkelingen waar deze meerwaarde uit kan gaan blijken, is de nieuwe Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Deze Europese wetgeving verplicht bedrijven om hun CO2-voetafdruk in kaart te brengen, ook in hun ketens. Ik ben ervan overtuigd dat Nederlandse bonen vele malen duurzamer zijn dan bonen die van ver geïmporteerd worden. In het licht van deze wetgeving hopen we dat bedrijven eerder zullen overstappen op Nederlandse bonen in hun voedingsmiddelen.”

Bean Deal

“Andere uitdaging is de financiering van opschaling. Om producten te produceren moeten investeringen gedaan worden in fabriekslijnen en productinnovatie. Dat zijn spannende besluiten. Is dit terug te verdienen? Ook boeren moeten een flink risico nemen door peulvruchten te telen. Als het weer tegenzit is er geen vangnet, zoals afgesloten contracten. Dat brengt ons ook gelijk bij het laatste knelpunt: Bean Deal heeft vrijwel geen financiële middelen, net als vrijwel alle Green Deals, en zijn afhankelijk van initiatieven door de marktpartijen zelf. Die zijn niet georganiseerd toen de Bean Deal werd getekend en hing te veel af van de aanvraag van EPPIC. Dat betekent ook dat alles nu low-budget moet gebeuren en dat we niet alles kunnen doen wat we zouden willen omwille van tijds- en geldgebrek. Wellicht kan het waardevol zijn om een financieringsexpert of -adviseur toe te voegen aan het Bean Deal-team, om meer middelen te helpen organiseren.”

Een nieuw kabinet kan de beweging naar meer plantaardig eiwit niet meer stoppen

Heeft de kabinetswisseling nog invloed op de Bean Deal?

“Er zijn zorgen over of de Bean Deal nog wel voldoende prioriteit zal krijgen met een nieuw kabinet zoals het er nu uitziet (PVV, NSC, VVD en BBB red.). Het lijkt erop dat natuur minder aandacht zal krijgen. Maar ik denk ook dat de eiwittransitie niet meer te stoppen is. Aan de kant van het (internationale) bedrijfsleven is olietanker zodanig gedraaid dat de beweging naar meer plantaardig eiwit niet meer gestopt kan worden door een nieuw kabinet. Ontwikkelingen kunnen natuurlijk wel worden vertraagd. Ik denk dat de urgentie er zeker nog is, vooral vanuit het boerenperspectief, onder meer na het klappen van het landbouwakkoord en vanuit de noodzaak voor een langetermijnvisie voor de Nederlandse landbouw.”

Waar gaan jullie de aankomende periode op richten?

“De aankomende anderhalf jaar gaan we ons in elk geval richten op marktactivatie. Veel consumenten zijn nog onbekend met peulvruchten en om een impuls te geven aan de categorie moet het wel verkopen. Daarom organiseren we in de week van 3 tot 10 februari 2024 de eerste #BeanMeal-week. Hierin willen we dat er aanbiedingen komen op peulvruchten en dat consumenten inspiratie krijgen om met veldbonen of lupine te gaan koken. In deze week zorgen we samen voor herkenbaarheid en het promoten van peulvruchten op winkelvloeren, bedrijfsrestaurants, in schoolkantines, met receptinspiratie. Kortom, op elke plek waar mensen een eetkeuze maken.”

“We koppelen dit aan Wereld Peulvruchtendag. Het doel is dat huishoudens in Nederland minimaal één keer bonen eten in die week, het liefst van Nederlandse bodem. We volgen hierbij het voorbeeld van de Week Zonder Vlees, die zeer succesvol is. Ik denk dat #BeanMeal alle benodigde ingrediënten heeft om ook een succes te worden.”

“Verder richten we ons op de knelpunten. Die hebben we nu aardig in kaart. In de aankomende periode willen we kijken of en hoe we die weg kunnen nemen. Er moet meer sturing komen op hoe we de Bean Deal verder gaan vormgeven. Daarnaast spreken we over hoe het verder moet na deze drie jaar. We zijn niet in de veronderstelling dat we na drie jaar ons doel hebben bereikt. Verder zijn we ons steeds meer bewust van de ambassadeursrol die wij hebben om peulvruchten van Nederlandse bodem te promoten, bij bedrijven en consumenten. Maar wij zijn niet de partij die het moet gaan doen. Wij zijn de aandrijving en de ketenpartijen moeten ervoor zorgen dat de Bean Deal ook echt gaat lopen.”

Snel delen

Alieke Hilhorst
Alieke Hilhorst

Redacteur

Misset Uitgeverij B.V. Auteursrecht voorbehouden

Algemene voorwaarden Privacy Cookies

Beheer
WP Admin